Inloggen
Lidnummer
Wachtwoord
inloggen
Inloggen nog niet geheel actief

Op deze website zullen in een later stadium LGOG leden, na inloggen, toegang krijgen tot extra informatie. Momenteel kunnen alleen AVL-leden inloggen. Nadat hiermee ervaring is opgedaan wordt over uitbreiding beslist.

log provincie Limburg

Archief

 Programma seizoen 2009-2010

 

Jaarprogramma 2009-2010: zie hier 

Opening seizoen 2009-2010

60th Sachsensymposium 19 – 23 September 2009 in Maastricht.
Organised by the University of Amsterdam, Faculty of Humanities, Amsterdam Archaeological Centre and the Town of Maastricht, Centre Céramique.
Theme: Early Medieval Transformations in North-Western Europe.

Op 19 september 2009 vindt in Selexyz Dominicanen de opening plaats om 20:00 uur bij de lezing van Frans Theuws: Maastricht in the Centre of a Transforming World (in het Engels). De leden van het LGOG zijn hierbij van harte welkom! 

maandag 5 oktober

Lezing Jef Janssens, Het Maasland: een indrukwekkende bloei tijdens de Renaissance van de twaalfde eeuw 

Week van de Geschiedenis, 17 t/m 25 oktober 2009

PROGRAMMA LGOG-KRING MAASTRICHT  

In het kader van de Week van de Geschiedenis organiseert LGOG-Kring Maastricht een drietal lezingen in boekhandel Selexyz Dominicanen. Daarbij komen verschillende aspecten van de Tweede Wereldoorlog aan bod:   

Zondag 18 oktober, aanvang 15.00 uur  

Herman van Rens

Deportatie van Limburgse joden tijdens de Tweede Wereldoorlog  

Tijdens de Tweede Wereldoorlog probeerde het Nazi-regime alle Europese joden te doden. Toch was er geen sprake van een moordmachine die op dezelfde manier draaide in het hele gebied waarover Hitler de feitelijke macht had. De Holocaust had in elk land zijn eigen karakteristieke verloop. Zelfs binnen Nederland zijn er aanzienlijke regionale verschillen in de manier waarop de joodse bevolking werd vervolgd.

De overlevingskansen voor Limburgse joden waren hoger dan in de andere provincies. Dat lag niet aan het Duitse beleid. Integendeel: er zijn sterke aanwijzingen dat de Limburgse joden meer consequent en doeltreffend werden misleid over de bestemming van hun reis naar het Oosten dan in de andere provincies. Zij werden gedeporteerd bij wijze van ‘arbeidsverruimende maatregel’. Dat werd aannemelijk gemaakt doordat alle correspondentie over de deportatie tot april 1943 verliep via het Gewestelijk Arbeidsbureau. In tegenstelling tot de Randstad werden tot genoemde datum alle oudere en zieke joden van deportatie vrijgesteld. Wel moesten de gedeporteerde arbeidsgeschikte joden hun gezinnen meenemen.

Zodoende bestond de joodse bevolking van Limburg in april 1943 nog slechts uit een restgroep van overwegend ouderen. Ook voor hen werd de misleiding volgehouden. Zij moesten op 7 en 8 april allemaal uit de provincie vertrekken. Limburg werd judenfrei gemaakt. Zij gingen niet naar Westerbork, vanwaar men wist dat vrijwel iedereen verder naar het Oosten werd gestuurd ‘om daar te werken’, maar naar kamp Vught, waar zij hoopten en verwachtten te blijven tot na de oorlog. Pas toen zij in de fuik waren gelopen toonde de bezetter zijn ware gezicht: de laatste Limburgse joden reisden op 11 mei per goederentrein naar het vernietigingskamp Sobibor. Het was niet eerder bekend dat een transport van bijna uitsluitend ouderen op 14 mei de dood vond in de gaskamer van deze fabriek van de dood.  

De spreker  

Herman van Rens (1946) studeerde medicijnen aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij was van 1974 tot 2004 huisarts in Beek. Na zijn pensioen studeerde hij geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, met specialisatie Holocaust- en Genocidestudies.  

Donderdag 22 oktober, aanvang 19.30 uur  

Peter Schrijvers

Yanks en de Val van Europa:

De Tweede Wereldoorlog als Cultuurbotsing  

Aan de hand van, onder andere, veel egodocumenten, zoals brieven en dagboeken, schetst Peter Schrijvers een levendig en vaak verrassend beeld van de kennismaking van Amerikaanse frontsoldaten met de Oude Wereld tijdens de bevrijding: hun gevecht met de natuur, hun confrontaties met bevriende en vijandelijke legers, hun ontmoetingen met de lokale bevolking en hun ontsteltenis bij het blootleggen van de horror van de holocaust.  

Die beklijvende ervaringen overtuigden de GI’s ervan dat de val van Europa niet alleen het gevolg was van de alles verwoestende oorlog, maar ook van het diepgewortelde politieke cynisme, de economische stagnatie en de culturele decadentie die de Oude Wereld kenmerkten. De Amerikaanse soldaten raakten er gemakkelijk van overtuigd dat de oorlog een onafscheidelijk aspect was van het verval van de Oude Wereld.  

De spreker  

De Belgische historicus Peter Schrijvers (1963) doceerde Amerikaanse geschiedenis in Zwitserland en de Verenigde Staten en is momenteel hoofddocent aan The University of New South Wales in het Australische Sydney. Hij schreef vier boeken over de Tweede Wereldoorlog waarvan er drie in het Nederlands zijn vertaald.  

Zondag 25 oktober, aanvang 15.00 uur  

Paul Bronzwaer

Maastricht tussen september 1944 en mei 1945  

In het eerste deel van de lezing komt de bevrijding van Maastricht op 13 en 14 september 1944 uitvoerig aan de orde. Waarom werd Zuid-Limburg zoveel eerder dan de rest van Nederland bevrijd?

Ondanks die bevrijding was de oorlogssituatie voor Maastricht nog lang niet voorbij. Nog maandenlang werd het straatbeeld door de Amerikaanse militairen bepaald. Allerlei speciale maatregelen (onder andere de verduisteringsvoorschriften) bleven nog steeds van kracht.

Door die vroege bevrijding bevond zich Zuid-Limburg in een geïsoleerde positie. Dat bracht een aantal problemen met zich mee: niet alleen op het vlak van het gezag en van het bestuur, maar ook wat betreft de vernielde infrastructuur, de voedselvoorziening, de communicatie en nog veel meer. In het tweede deel van de lezing zal de spreker hier dieper op ingaan.

Pas na de capitulatie van de Duitse troepen in Nederland in mei 1945 was de bevrijding compleet. De straatlantaarns mochten weer volop branden. Dat laatste stond symbool voor het herstel van de stad en de hervatting van het ‘normale’ leven.  

De spreker:  

Paul Bronzwaer werd in 1936 geboren in Maastricht. Hij studeerde Franse taal- en letterkunde aan de Universiteit Utrecht. Hij was van 1960 tot 1997 werkzaam als docent Frans, conrector en plaatsvervangend rector aan het Sint Maartenscollege in Maastricht. In de jaren 80 van de vorige eeuw begon zich zijn speciale belangstelling voor Maastricht in de Tweede Wereldoorlog te ontwikkelen. Dit resulteerde in onder andere twee publicaties in de reeks Vierkant Maastricht: ‘Maastricht Bevrijd! En toen..? (Maastricht 1989) en Vier Jaar zwijgen (Maastricht 1994). In mei j.l. promoveerde hij aan de universiteit Leiden op een proefschrift, getiteld: ‘Maastricht en Luik bezet. Dit zal binnenkort als deel 73 in de reeks Maaslandse Monografieën verschijnen. 

maandag 2 november

Lezing Lou Spronck, De wisselingen van het lot: Maastricht 1827‐1831 

donderdag 19 november

Historisch Café, Boekhandel Selexyz Dominicanen: Beheer en gebruik van roerend cultureel erfgoed in Maastricht: een blik op de toekomst.

zaterdag 28 november

Excursie naar Luik: Op het programma staan een bezoek aan het Archéoforum onder Place Saint Lambert en het dit jaar in gebruik genomen nieuwe museumcomplex ‘le Grand Curtius’.

maandag 7 december

Lezing Harry Knipschild, Ed van Kan (1873‐1929), een Maastrichtse missionaris die de Bokseropstand overleefde.

maandag 28 december, 12:30 uur-17:00 uur: Familiemiddag

Familiemiddag in Geulhem en St. Gerlach: Bezoek Grotwoning en schuilkerk Geulhem, en Kerk en schatkamer Sint-Gerlach.

maandag 4 januari, 19:30 uur (Nieuwjaarsborrel):

Lezing Chris Dols, Ten strijde tegen Koning Alcohol! Katholieke drankbestrijding in Limburg, 1897‐1945

maandag 1 februari

Lezing Marjet van de Weerd, Ontstaan en betekenis van gipscollecties voor het tekenonderwijs. De pleisterbeelden van de Academie Beeldende Kunsten Maastricht in perspectief.

maandag 1 maart

Lezing Charles van Leeuwen, De geschiedenis van Visé.

Let  op: Nieuwe locatie Woonzorgcentrum de Beyart!

Gevolgd door de excursie op zaterdag 27 maart 2010: Op bezoek bij de buren in Visé

Excursie Visé op zaterdag 27 maart

Stadswandeling en bezoek diverse locaties in Visé, convocaat: klik hier.

maandag 12 april, 19:30 uur (Jaarvergadering):

Lezing Miets Morreau, De geschiedenis van Casino Slavante.

Ten behoeve van de jaarvergadering: Notulen van de jaarvergadering over 2008 van 14 april 2009: zie hier. Verslag secretaris over 2009: zie hier.

Verklaring Kascommissie naar aanleiding van kascontrole op 3-3-2010 uitgevoerd door Dr. P.T.H.R. Mestrom en J. Kicken: zie hier

Historisch Café: donderdag 22 april van 19:30 tot 21:30 uur in Selexyz Dominicanen, Dominicanenkerk

Verzet en collaboratie in Maastricht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zie convocaat

zaterdag 8 mei, vanaf 13:30 uur: Bezoek aan het Gallo-Romeins Museum van Tongeren en in het bijzonder aan de tentoonstelling Ambiorix.  

Twee jaar geleden waren wij te gast bij onze buren in Tongeren en beleefden daar een heerlijke middag. Het Gallo-Romeins Museum was toen wegens nieuwbouw gesloten. Van harte nodigt het kringbestuur u nu uit voor een bezoek aan dit in 2009 heropende museum in de hoofdstad van de Romeinse civitas waartoe ook Maastricht behoorde. De Historische Kring Maastricht wordt in het Museumcafé welkom geheten door directrice Carmen Willems op zaterdagmiddag 8 mei aanstaande om 13.00 uur en vanaf 13.30 uur in groepen door deskundige gidsen rondgeleid door de aansprekende tentoonstelling Ambiorix, koning van de Eburonen. Daarna bestaat er alle gelegenheid het nieuwe museum en de vaste collectie in eigen tempo te leren kennen. Overige informatie: Zie convocaat.

Let op: het maximum aantal deelnemers bedraagt 75!

Lieux de Mémoire: dinsdag 18 en woensdag 19 mei

We nodigen u van harte uit voor alweer de zesde reeks avondexcursies in mei. De Lieux de Mémoire van dit jaar hebben betrekking op de Tweede Wereldoorlog. Dinsdag 18 mei voert Paul Bronzwaer ons mee langs interessante plekken in Maastricht. Woensdag 19 mei wacht ons een programma in Beek, onder leiding van Herman van Rens. Zie convocaat.

de Motte van Breust, lezing op donderdag 20 mei.

We nodigen u van harte uit voor een extra lezing, georganiseerd in samenwerking met de Archeologische Vereniging Limburg (LGOG-Sectie Archeologie) en Eijsdens Verleden. De lezing gaat over de motte van Breust en wordt gegeven door Hilde Vanneste en Sofie Wyns. Zie convocaat.

 

 Programma seizoen 2008-2009

Kalender 2008 - 2009 

Zaterdag 20 september 2008
Algemene Ledenvergadering  LGOG te gast bij Kring Maastricht.
Sprekers middagprogramma zijn prof. dr. Joep Leerssen over 'Nederlandse natievorming en Limburgs regionalisme' en prof. dr. Ad Knotter over 'Limburg bestaat niet'

Verslag Algemene Ledenvergadering LGOG te Maastricht

(geplaatst  29-10-2008)

Een verslag van de lezing van Ad Knotter: zie hier.

De powerpointpresentatie van de lezing van Joep Leerssen: zie hier.

 

 

Maandag 6 oktober 2008
Lezing door Jos Koldeweij en Henk Blaauw over:
Tekeningen in de Caestertgroeve'

De eerste lezing van het seizoen (6 oktober): professor Jos Koldeweij en Henk Blaauw over Vroomheid en Zotheid in de Duisternis. Middeleeuwse tekeningen in de Caestertgroeve.

(auteur: Titus Panhuysen, geplaatst 7-10-2008)

 

Gelukkig een dag zonder regen en zonder storm. Sprekers van naam en een interessant onderwerp. De opkomst was dan ook mooi met tachtig toehoorders (en direct een paar nieuwe leden!). Het onderwerp was bekend en toch weer niet, nadat vorig jaar een kleine tentoonstelling onder de titel ‘Zotheid in de duisternis – middeleeuwse tekeningen in de Sint Pietersberg’ in Maastricht (RHCL) en Venlo (LM) te zien was geweest. Een tentoonstelling die vanaf komend voorjaar blijvend zal worden opgesteld in het Sint Pietersmuseum in hoeve de Lichtenberg te Maastricht.
Jos Koldeweij verzorgde het eerste deel van de avond en verraste ons met veel meer tekeningen dan wie dan ook kende uit de grotten, vooral uit de 14de en 15de eeuw. Bovendien verrasten de tekeningen vaak door hun kwaliteit, techniek en herkenbare laatmiddeleeuwse stijl. Bijna modern was een aantal cartoonachtige tekeningen vol eigentijdse (zelf)spot. De spreker legde verbanden met laatmiddeleeuwse schilderkunst, vooral met de taferelen en details op de schilderijen van Jeroen Bosch. Zo toonde hij de verwevenheid van deze voorbeelden van volkskunst aan met de hogere kunst, iets wat hij ook liet zien aan de hand van goedkope laatmiddeleeuwse speldjes van lood-tin legering, die bekend staan als pelgrimsinsignes en middeleeuwse miniaturen.
Henk Blaauw, die vanaf zijn vroegste jeugd vertrouwd is met de grotten in de Sint Pietersberg, vertelde het spannende verhaal van de ‘ontdekking’ en de documentatiecampagne van de tekeningen. Een belangrijk onderdeel daarvan was de fysieke datering van de tekeningen door middel van 14C-datering van de houtskool van de tekeningen en de roetvlekken van de toortsen of lampjes die de blokbrekers en tekenaars op de plafonds achterlieten. Kunsthistorische en natuurwetenschappelijke dateringen bleken keurig op elkaar aan te sluiten.
De lezing maakte de toehoorders bewust van de enorme culturele schat die voor een deel nog in de berg behouden is en voor een groot deel door de moderne mergelwinning verloren is gegaan. Henk Blaauw heeft het initiatief genomen om wat rest door middel van internationale samenwerking (Nederland – Vlaams Gewest – Wallonië) te beschermen en toegankelijk te maken voor verder onderzoek.

Het Historisch Café van donderdag 27 november a.s. zal geheel gewijd zijn aan de (verloren) cultuurhistorische waarden van de Sint Pietersberg. Dan is er volop gelegenheid om uw mening te geven en mee te discussiëren.

 

Foto's Middeleeuwse tekeningen A: zie hier
Foto's Middeleeuwse tekeningen B: zie hier
Foto's Middeleeuwse tekeningen C: zie hier
Foto's Middeleeuwse tekeningen D: zie hier

Zondag 12 oktober 2008 Week van de Geschiedenis
Stadswandeling onder leiding van Lou Spronck met als titel 'Rondleiding aan de hand van afbeeldingen van Philippus van Gulpen'.
Aan de hand afbeeldingen van Phillipe van Gulpen (1792-1862) wandelt u samen met Lou Spronck (LGOG) langs de Maas  tot aan de Enci, klimt omhoog naar Slavante en loopt vandaar over de oosthelling van de Sint-Pietersberg tot bij Chalèt Bergrust.
Aanvang: 14:00u splitsing Lage Kanaaldijk / Ursulinenweg, duur: 2 uur, deelname is gratis maar maximaal 25 personen. Aanmelden verplicht bij info@zichtopmaastricht.nl.

Dinsdag 14 oktober 2008 Week van de Geschiedenis
Stadswandeling onder leiding van Dr. Titus Panhuysen met als titel  'In het spoor van mijn voorgangers' (archeologische wandeling).
Oud-stadsarcheoloog Dr. Titus Panhuysen verzorgt namens het LGOG een bijzondere stadswandeling. Hij voert u naar markante plekken in de stad waar zijn 'voorgangers'-Van Heylerhoff, Leemans, Habets, Goossens,m Nyst en Bogaers- sinds het begin van de 19e eeuw 'verhalen' uit het Maastrichtse verleden ontdekten.
Aanvang 14:00u bij Hoofdwacht, Vrijthof 25, duur: 2 uur, deelname is gratis maar maximaal 25 personen. Aanmelden verplicht bij: info@zichtopmaastricht.nl.

Maandag 3 november 2008
Lezing door Martijn Eickhoff over:
'P.J.W. Debye en zijn loopbaan in nazi-Duitsland'

TERUGBLIK op maandagavond 3 November 2008: de lezing van Martijn Eickhoff
P.J.W. Debye en zijn bestuurlijke loopbaan in nazi-Duitsland.

(auteur: Titus Panhuysen, geplaatst 5-11-2008)

 Met spanning was door heel wat aanwezigen uitgekeken naar deze avond, waarop de auteur van het NIOD-rapport uit 2007 “In naam der wetenschap? P.J.W. Debye en zijn carrière in nazi-Duitsland” een toelichting zou komen geven op zijn onderzoek en zijn eigen meningsvorming inzake de ‘kwestie Debye’. Bovendien zou er alle gelegenheid zijn voor de mensen om met de onderzoeker in discussie te treden onder leiding van Ernst Homburg. Gezien de lichtelijk negatieve beoordeling in zijn boek en in de pers van het gedrag van Debye in de vooroorlogse periode van het Derde Rijk - door hem opportunisme te verwijten - kon Eickhoff op een kritisch Maastrichts publiek rekenen. Toch zegde hij toe op de uitnodiging van het bestuur en kwam.

In zijn verhaal legde Eickhoff nog eens uit hoe hij te werk was gegaan en dat hij het uiteindelijk vooral had moeten doen met het bewaard gebleven Berlijnse werkarchief van Debye, maar zonder diens privé archief. Hoewel je op basis van de beschikbare gegevens en de beschikbare onderzoekstijd nauwelijks van iemand kunt verlangen dat die werkwijze tot een definitief resultaat kan leiden, is het rapport er wel gekomen, en snel. Pas een complete biografie van Debye met inbegrip van bijvoorbeeld diens ervaringen in Göttingen tijdens WO I zouden de psyche van Debye beter kunnen blootleggen en een beter oordeel over zijn Berlijnse jaren mogelijk maken. Debye heeft zeker dingen gedaan die hij achteraf in onze ogen beter niet had kunnen doen, zoals de verzending en ondertekening van de beruchte brief om de joodse leden van de Deutsche Physikalische Gesellschaft te weren, of, misschien erger, de geëiste verklaring van trouw aan Hitler te ondertekenen. Maar wie zijn wij om aan die uit hun verband gehaalde papieren en aan die loopbaan in moeilijke tijden aan de top van de wetenschap en in de boezem van een bijna helemaal Duits gezin verstrekkende oordelen te verbinden? Daarover ging ook de discussie met het zeer betrokken en ruimschoots aanwezige (ca. 80 mensen) publiek. Debye heeft een prachtige wetenschappelijke carrière gemaakt in niet altijd even kosjere omstandigheden, waarvan wij het hoe en waarom nauwelijks kunnen bevroeden. De overbodige actie van ene Rispens heeft in 2006 al even onnodige commotie veroorzaakt, waarop de universiteiten van Utrecht en Maastricht kortzichtig hebben gereageerd. Gelukkig bleek na tussenkomst van de commissie Terlouw één van die universiteiten nog wijsheid in pacht te hebben.  

MARTIJN EICKHOFF OVER ZIJN DEBYE-RAPPORT VAN HET NIOD in: Ex Tempore Verleden tijdschrift, Nijmegen 27 (2008) 136-137: zie hier 

Nadere gegevens over Martijn Eickhoff: zie hier  

Donderdag 27 november 2008
Historisch Café, Selexyz Dominicanen. Thema:
'De (verloren) historische cultuurwaarden van de Sint Pietersberg'

“De verloren cultuurwaarden van de Sint-Pietersberg”
HISTORISCH CAFÉ 5 in Selexyz op donderdag 27 november 2008, ca. 120 bezoekers.

(auteur: Titus Panhuysen, geplaatst 29-11-2008)

Een goed bezochte avond waarop een vijftal inleiders diverse aspecten besprak van wat de Sint-Pietersberg boven- en ondergronds te bieden had en heeft aan landschappelijk schoon, cultuurhistorische en archeologische bijzonderheden. Het was uitdrukkelijk niet de bedoeling er een actieavond van te maken om de ENCI eerder te doen stoppen met haar graafactiviteiten. Maar de geschiedenis van de concessieverleningen maakt wel heel erg duidelijk, dat geen stukje van dat interculturele, internationale stuk erfgoed veilig is voor de cementindustrie, en tevens, dat wij hedentendage ons gelukkig mogen prijzen dat wij nog kunnen genieten van het unieke kasteel Lichtenberg, het klooster Slavante, het Zonneberggangenstelsel en het Poppelmondedal. Mensen waren van verre gekomen, uit Amsterdam, uit Heemstede en waar ook vandaan, om hun verhaal over de berg te vertellen, hun herinneringen, helaas vaak doorspekt van die treurnis om wat verloren is. In de groeve Belvédère zijn sporen van de oudste mensen, Neanderthalers, in deze contreien gevonden, die hier ca. 250.000 of 350.000 jaar geleden hun tijdelijke kampementen hadden opgeslagen. Het strategisch gelegen plateau van de Sint-Pietersberg is nooit onderwerp van archeologisch onderzoek geweest, wat is daar niet allemaal verloren gegaan behalve de oudste vroeg-Romeinse (of oudere?) (Luiker)weg en aangelegen grafvelden over de linker Maasoever?

Een unieke mogelijkheid en uitdaging is het om nu al van het gebied ten zuiden van de Observant rondom kamp Caestert een internationaal, grensoverschrijdend, intercultureel monument te maken, dat onderaards de groeven met sporen van middeleeuwse mijnbouw en vele tekeningen omvat, en bovenaards het unieke vroeg-Romeinse legerkamp (minstens 30 v. Chr.), de Romeinse weg naar Maastricht, grafvelden, de 18de-eeuwse hoeve Caestert (waar een informatiecentrum-museum-horeca zou kunnen worden ingericht) en daarbij een unieke natuur met hellingbos en kalkgraslanden. Een uitdaging en een idee voor de lokale en regionale ambities om grensoverschrijdend (Maastricht, Riemst, Visé, Wallonië, beide Limburgen) toe te werken naar Maastricht Culturele Hoofdstad 2018.

De literatuurlijst van Emile Ramaekers over de St. Pietersberg: zie hier
De column van Paul van der Steen, 'Strooigoed' : zie hier
De diaserie van Titus Panhuysen: zie hier
Het artikel in 'Zicht op Maastricht' van Titus Panhuysen: zie hier
Geluidsfragmenten van deze avond via 'Maastrichtmoetjehoren' hier


 

Maandag 1 december 2008
Lezing door Wil Roebroeks over:
'Belvédère revisted en het gedrag van Neanderthalers'

TERUGBLIK op de lezing van prof.dr. Wil Roebroeks over zijn onderzoek in de groeve Belvédère en het gedrag van de Neanderthalers. Maandag 1 december 2008, 160 aanwezigen.

(auteur: Titus Panhuysen, geplaatst 3-12-2008)

Een fantastische avond, een eminente spreker en een opkomst van belangstellenden zoals je dat als bestuur bij elke lezing wenst. Wil Roebroeks, die voor zijn hoog gekwalificeerde onderzoek in 2007 de nationale Spinozaprijs ontving, nam ons eerst mee naar zijn minutieuze en multidisciplinaire onderzoek van de jaren tachtig in de Belvédèregroeve te Maastricht. Daar ontdekte hij een schat aan gegevens en artefacten van topkwaliteit van mensen – Neanderthalers – die hier 250.000 (of misschien wel 350.000) jaar geleden als jagers/verzamelaars tijdelijke kampementen hadden opgeslagen. Voor hem en zijn team vormden die spectaculaire ontdekkingen de opmaat naar een veel breder onderzoeksspectrum dat de bestudering van de Neanderthaler in zijn hele leefgebied, van Engeland tot Okladnikov in het oosten van Siberië, en van Spanje tot Egypte omvat. Onderzoeken brachten hem en zijn studenten onder andere naar de afkalvende Engelse oostkust (Happisburg), naar de wanden van de onafzienbare Oost-Duitse bruinkoolgroeven (Neumark) en – met hulp van het Russische leger – naar de voet van het Oeralgebergte ten noorden van Perm. Stukje bij beetje dringt hij telkens dieper door in de leefwereld en de gedragingen van die uitgestorven mensensoort die bijna een half miljoen jaar lang in Eurazië rondzwierf voordat omstreeks 50.000 jaar geleden de moderne mens zijn intrede deed. Telkens komen nieuwe vragen naar voren.

NEANDERTHAL
LEARNTHEDNA

De Belvédèreontsluiting en de daaraan in westelijke richting aansluitende leemgroeven op Belgisch grondgebied vormen een uniek reservoir voor onze (drang naar) kennis over onze menselijke afstamming. Nog altijd staat deze vindplaats in het middelpunt van het internationale wetenschappelijke onderzoek naar onze verre voorouders.


Dinsdag 16 december 2008:  is geannuleerd!
Excursie naar museum Het Valkhof te Nijmegen, expositie ‘Luxe en decadentie: Leven aan de Romeinse Goudkust’.

Zaterdag 27 december 2008
Familiemiddag. Rondleiding door de Sint Servaasbasiliek.

TERUGBLIK op de Familiemiddag 27 december 2008: Sint Servaasbasiliek

 (auteur: Lambert Jacobs, geplaatst 7-1- 2009) 

Zaterdag 27 december heeft de laatste activiteit van de Historische Kring Maastricht in 2008 plaats gevonden. In het kader van de Familiemiddag werd van 13:00 tot 17:00 uur een bezoek gebracht aan de Sint Servaasbasiliek. Ruim zestig mensen hadden zich daarvoor opgegeven en zich op de afgesproken tijd gemeld in de karakteristieke Kanunnikenkelder van de kerk waar zij werden opgewacht door het Kringbestuur, de beheerder van de Kanunnikenkelder, de heer Köbben, en diens twee medewerkers. Na de begroeting werden de gidsen voorgesteld : mevrouw Olivers en de heren Brouwers en Panhuysen. Onder hun enthousiaste leiding werd in ruim anderhalf uur tijd de kerk doorkruist van crypte tot Keizerzaal. Vele interessante details van de architectuur en geschiedenis van de Sint Servaaskerk kwamen daarbij aan bod en werden door de uitleg van de gidsen zichtbaar en begrijpelijk gemaakt. Zo’n lang verblijf in de kerk leidde uiteindelijk ook tot enige daling van de lichaamstemperatuur en na afloop van de rondleidingen was iedereen dan ook blij, dat men zich in de Kanunnikenkelder kon opwarmen met een glas wijn of anderszins. Voor de volhouders was daarna nog een bezoek aan de Schatkamer mogelijk, maar dit werd vanwege het gevorderde uur noodgedwongen een kort bezoek.

     

Al met al een geslaagde activiteit met desondanks één minpunt : er werden slechts enkele kleine kinderen gesignaleerd. De meeste deelnemers waren leden, eventueel in gezelschap van hun volwassen kinderen of vrienden. Wellicht speelden het mooie weer en de attracties op het Vrijthof daarbij een rol. Het Kringbestuur zal zich in ieder geval voor de Familiemiddag van 2009 inspannen een excursie te bedenken, dat bij voorbaat ook de jeugd sterk kan aanspreken. Uw suggesties daarvoor zijn welkom.  





Maandag 5 januari 2009
Nieuwjaarsborrel (19:30u) gevolgd door lezing door Mariëtte Paris-Vankan over:
'Monumentale glaskunst in Limburg van 1850 tot heden'

SAMENVATTING LEZING over MONUMENTALE GLASKUNST op Maandag 5 januari 2009.

(auteur: Mariëtte Paris-Vankan, geplaatst 14-1-2009)

Van de spreekster van de avond ontving het bestuur een uitgebreid verslag. Omdat als gevolg van de plotselinge inval van de winter met sneeuw en ijs toch nog 40 mensen de weg naar de lezing en de Nieuwjaarsborrel hadden weten te vinden (hulde voor hen), plaatsen wij hieronder – voor al die anderen – haar hele samenvatting. Het was een uiterst boeiende lezing, die zo was opgebouwd dat alle aanwezigen, waaronder nogal wat mensen uit glazenierskringen, buitengewoon tevreden huiswaarts gingen. (T.P.)

In het eerste deel van de lezing werd uitgelegd hoe glas gemaakt werd en hoe de kleuren tot stand komen. Bij rood glas heeft men altijd te maken met plaqueglas, dat wil zeggen een laagje rood glas over wit glas. Het gebruik van zilvergeel, voor het eerst rond 1300 gebruikt, en van Jean Cousin-rood (15de eeuws) kwam ter sprake aan de hand van fraaie voorbeelden uit de Sint-Janskerk te Gouda. In de tweede helft van de 16de eeuw ging men hoe langer hoe meer verf op basis van email gebruiken om de ramen zo meer op een schilderij te laten lijken. Jo Havenith heeft deze techniek gebruikt voor zijn nieuwe ramen in de Sint-Agatha te Eys.

Aan de hand van beelden werd toegelicht hoe men van een ontwerp (videmus) tot een raam komt. Men kan op het glas tekenen, diepte en emoties weergeven door middel van grisaille ofwel brandverf. Joep Nicolas (1897-1972) was hierin een ware meester. Door etsen kan men in een kleur variaties aanbrengen. Marc Chagall, maar ook de Limburgse glazenier Gilles Franssen (1921-1979) hebben hier veel gebruik van gemaakt. Daan Wildschut heeft met hulp van René Smeets het glas-in-beton in Nederland geïntroduceerd. Zijn grote glas-in-betonnen muur voor de wereldtentoonstelling in Brussel van 1958 heeft hij met een aanvulling van een voorstelling van de Ark van Noach geplaatst in de Sint-Agneskerk te Bunde. Hier kan men ook glas-in-epoxyhars ramen van Daan Wildschut zien. In het stiltecentrum van het ziekenhuis te Maastricht en in het station te Eindhoven kan men fraaie voorbeelden vinden van glas-applique, dit wil zeggen lagen glas dat op elkaar is geplakt. Zo kan men een glasraam maken zonder loodstrippen.

De ramen(1966-67) van Hans Truijen (1928-2005) in de zijbeuken van de Sint-Martinuskerk te Wyck zijn uniek voor Nederland. Hans Truijen heeft met behulp van de zeefdruktechniek foto’s op glas gedrukt en deze bewerkt. Aan de hand van voorbeelden van menselijk lijden en menselijke vreugdevolle gebeurtenissen wilde hij zo het lijden en de verrijzenis van Christus uitbeelden. Deze techniek was nieuw voor monumentale beglazingen. Momenteel wordt de techniek heel veel gebruikt, bijvoorbeeld door Marc Mulder in zijn raam met het Laatste Oordeel (2006) in de kathedraal te Den Bosch.

Beda Venerabilis (672 of 673-735) schreef in zijn Historia ecclesiastica gentis Anglorum, dat Benedictus Biscop (628-690) Frankische glazeniers meebracht om de kloosterkerk van Monkwearmouth en Jarrow in Engeland te verfraaien, omdat bij de Franken de oude traditie van het beglazen van openingen met gekleurd glas levend was gebleven. Tijdens opgravingen in 1969 werd bij die kerken glas en lood uit de 7de tot 9de eeuw gevonden. Tijdens de opgravingen in de Sint-Servaasbasiliek te Maastricht in de jaren 1985-1989 is eveneens glas en lood gevonden van vóór het jaar 1000. Er zal nog nader onderzocht worden uit welke precieze periode dit glas stamt.

Na de pauze kwam in vogelvlucht de geschiedenis van de Limburgse glaskunst ter sprake. Het atelier van Frans Nicolas te Roermond, opgericht in 1853, was van belang voor de herleving van de glaskunst. Een mooi voorbeeld van het kunnen van dit atelier kan men in de Sint-Servaaskerk te Maastricht vinden. Vele glazeniers hebben er hun opleiding genoten. Joep Nicolas was de beroemde kleinzoon van Frans. Hij stond aan de wieg van de Limburgse picturale stijl of ‘Limburgse barok’. Zijn ramen van de Vier Evangelisten uit de Sint-Lambertuskerk te Maastricht zijn een mooi voorbeeld. Voor Joep Nicolas was een raam een zelfstandig kunstwerk. R.N. Roland Holst daarentegen vond dat een glasraam een geheel met het gebouw moest vormen, zoals men kan zien in de ramen in het transept van de Dom van Utrecht. In het werk van Henri Jonas zien we een ontwikkeling. In zijn eerste ramen in de Koepelkerk te Maastricht zien we hem lange stroken glas gebruiken en minder grisaille. Zijn latere ramen hebben duidelijk de invloed van Joep Nicolas ondergaan. In 1941 richtte Sjef Scheffers (1906) met behulp van Eugène Laudy (1921) een glazeniersafdeling op aan de Stadsacademie te Maastricht. Toen na de oorlog de Jan van Eyck-academie werd opgericht, werd Jos ten Horn (1894-1956) benoemd als professor monumentale kunst. Er is een duidelijk verschil te zien tussen de mensen, die opgeleid zijn aan de Jan van Eyckacademie en diegenen, die opgeleid zijn te Amsterdam. De eersten, zoals Hans Truijen, Gilles Franssen en Jacques Vonk (1923) staan sterk onder invloed van Joep Nicolas en gebruiken meer grisaille. Diegenen, die in Amsterdam zijn opgeleid, zoals Frans Nols (1922-1972), Gène Eggen (1921-2000) en Marianne van der Heijden (1922-1998), gebruiken beduidend minder grisaille. Ze maken soms ramen van industrieel glas, van verschillende soorten en structuren om zo voorstellingen te creëren in het veelal blanke glas. In het stadhuis te Kerkrade is een raam van Frans Nols (1922-1972) in deze techniek.

Eind jaren zestig van de vorige eeuw namen de opdrachten voor monumentale beglazingen sterk af. De opleidingen werden gesloten. In het begin van de jaren negentig zien we toch weer opdrachten komen voor monumentale beglazingen, zoals voor de Sint-Servaaskerk te Maastricht (Albert Troost en Hub Curvers). We zien ook dat bekende kunstenaars zoals Jan Dibbets belangstelling krijgen voor het maken van monumentale ramen. In Limburg heeft hij ramen gemaakt voor de Sint-Gertrudiskerk te Wijlre en recentelijk voor de Sint-Theresia van het kindje Jezus te Ransdaal. Hij werkt uitsluitend met glas en lood. Door het variëren met tinten glas en met dikte en afstand van de loodstrippen krijgen zijn ramen een sterk driedimensionaal karakter. Marien Schouten greep in de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maasricht terug op de eeuwenoude techniek om ramen met albast te beglazen. Verder heeft Sjef Hutschemaeckers een aantal ramen gemaakt, onder andere voor de kerk te Oirsbeek. Hier worden ook de nieuwe heiligen zoals Edith Stein, moeder Teresa en pater Karel afgebeeld.

Maandag 2 februari 2009
Lezing door Gilber Soeters over:
'Recent archeologisch onderzoek in Maastricht'

TERUGBLIK OP DE LEZING van maandag 2 februari 2009: GILBERT SOETERS OVER DE NIEUWE ARCHEOLOGIE VAN MAASTRICHT 

(auteur: Titus Panhuysen, geplaatst 6-2-2009)

Dreigend winterweer dat gelukkig niet doorzette. Weinig berichtgeving in de media en toch bijna 100 leden en toehoorders op deze interessante avond, die als gebruikelijk bij archeologen, die over hun eigen stad praten, een lange werd. Na een inleiding over de nieuwe archeologie – gestoeld op de Malta-wetgeving en de verplichting tot (voor)onderzoek en kosten bij de verstoorder van het bodemarchief – en de nieuwe sturende rol van de archeoloog in overheidsdienst, die voorbereidt, bedrijven inhuurt en controleert, werd de zaal vergast op de opmerkelijke resultaten van het archeologisch werk in de laatste jaren. ‘Stadskernarcheologie’ was het thema van de periode 1979-2004, nu heet het motto ‘landschapsarcheologie’ dat vooral de gebieden buiten de stadskern betreft. De spreker vertelde erover met het entoesiasme, dat te verwachten was van iemand die het zelf allemaal had opgegraven, wat toch echt niet meer zo is. Het heldere betoog was voorzien van een prachtige reeks plaatjes, niet te veel in detail, maar heel illustratief. Hoewel er volgens de spreker geen rode lijn in het inhoudelijke verhaal zat, was dat geen bezwaar omdat een hele reeks verschillende projecten de revue passeerde. En projectmatig werken, dat moet nu juist de kracht zijn van de nieuwe archeologie: alles uitvoeren volgens een vooropgezet plan, kostenbeheersing, rapportage binnen twee jaar, en het mag wat kosten.

Achtereenvolgens passeerden de volgende projecten de revue: Lanakerveld, A2-traverse, Amby-Bodemsweg, Sphinxterrein en Markt-trafo. Het Lanakerveld is achtereenvolgens door middel van boringen bemonsterd en daarna met hulp van sleuven onderzocht op de potentie van archeologische vindplaatsen. Het blijkt een schatkamer te zijn van Bandkeramiek (nederzetting en grafveld), late Bronstijd (nederzetting en grafveld) en Vroege Middeleeuwen (huisplattegrond en pottenbakkersoven). Hier mag in de toekomst nog heel veel verwacht worden. Binnen de kaders van het A2-project zijn Romeinse woonstructuren, perceleringen, wegen en graven te voorschijn gekomen. Vervolgonderzoek komt eraan. De goudschat van de Eburonen uit Amby is uitgebreid in het nieuws geweest en is een lichtpuntje op weg naar vernieuwde presentatie van het rijke archeologische vondstmateriaal van Maastricht. Het Sphinxterrein liet een herhaling zien van eerdere ervaringen op het Céramiqueterrein: veel afgebroken stadsmuren en dichtgegooide grachten, maar ook mooie sporen van het Andriesklooster. Uit een kleine kuil achter het Stadhuis kwamen bestratingen van marktpleinen uit de 11de tot 14de eeuw te voorschijn en zelfs houtresten van middeleeuwse marktkramen. Na afloop waren er toch nog veel vragen: o.a. kan het Lanakerveld niet beschermd worden als een uniek agrarisch bodemarchief, is er wel aandacht voor de archeologische resten van de Sint Pietersberg (de loopgraaf van Frederik Hendrik, de Merovingische resten onderaan Fort Sint Pieter)? Om half elf moest de voorzitter de avond sluiten, maar er was genoeg stof om nog een hele tijd door te gaan. Wordt vervolgd!

Lanakerveld

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lanakerveld

Lanakerveld


Maandag 2 maart 2009
Lezing door Sabrina Corbellini over:
'Middeleeuwse handschriften uit het Begaardenconvent S. Michael en S. Bartholomeus in Maastricht'

Terugblik op de lezing van maandag 2 maart 2009. Sabrina Corbellini over:
'Middeleeuwse handschriften uit het Begaardenconvent S. Michael en S. Bartholomeus in Maastricht'

(auteur Lou Spronck, geplaatst 7 maart 2009)

Een volle zaal luisterde op maandag 2 maart geboeid naar een lezing van Sabrina Corbellini, die uitstekend was voorbereid en enthousiast werd voorgedragen. Het onderwerp: Middeleeuwse handschriften uit het Maastrichtse begaardenklooster bleek verrassender dan de meeste leden gedacht zullen hebben (de presentatie is opgesplitst in 4 delen: deel1, deel 2, deel 3 en deel4).

De Maastrichtse begaarden waren leken die zich omstreeks 1265 in een convent aan de Witmakersstraat verenigd hadden om er een religieus leven te leiden volgens de regel van de derde orde van Sint Franciscus. Zij bleven intussen hun beroep van lakenwever uitoefenen. Daarnaast gaven zij onderwijs. Vooral in de vijftiende eeuw vervaardigden zij ook handschriften. Na de opheffing van het begaardenklooster in de Franse Tijd raakte die verspreid. Tot de dertig die bewaard zijn gebleven, behoren de Sint-Servaaslegende van Henric van Veldeke (Universiteitsbibliotheek Leiden), de Limburgse Sermoenen (Koninklijke Bibliotheek Den Haag) en Der Minnen Loop van Dirc Potter (Instituut voor Franciscaanse geschiedenis Sint-Truiden).

Aan de Sint-Servaaslegende verbond de spreekster een prijsvraag. De drie LGOG-leden die zo ongeveer wisten dat de legende 6229 verzen telde en geschreven was in opdracht van gravin Agnes van Loon en koster Hessel van het Sint-Servaaskapittel, ontvingen een exemplaar van haar proefschrift. Dit is gewijd aan Der Minnen Loop, een bewerking van de Italiaanse Fiore di Virtù, die Dirc Potter tijdens zijn verblijf in Italië in 1411-1412 had leren kennen. Op de vraag of dit ‘wereldse’ werk wel paste in een kloosterbibliotheek, ging mevrouw Corbellini tenslotte nader in.

Maandag 6 april 2009
Jaarvergadering Kring Maastricht (19:30u) gevolgd door lezing door Wiel Kusters over:
'Een dichter uit Mosanje: Pierre Kemp 1886-1967'

Notulen jaarvergadering over 2007

Verslag secretaris jaar 2008

Terugblik op maandagavond 6 april 2009: Jaarvergadering van de Kring en Wiel Kusters met een voordracht over Pierre Kemp (1886-1967), getiteld een dichter uit Mosanje.

(auteur T.Panhuysen, geplaatst 18-4-2009)

Hoewel het literaire onderwerp van de avond afweek van de traditionele historische en oudheidkundige lezingen, bleken spreker en onderwerp een schot in de roos. De opkomst was weer heel erg goed te noemen, zelfs bij de aan de lezing voorafgaande jaarvergadering (waarbij Frans Roebroeks tot het bestuur toetrad en Jules Bonnet tot extra-ordinarius werd benoemd). Vanzelfsprekend moet een lezing over een 20ste-eeuwse dichter uit Maastricht net zo goed tot het cultuurhistorische spectrum van de Historische Kring Maastricht gerekend worden als een avond in het teken van middeleeuwse handschriften of over een 12de-eeuwse dichter uit het Maasland, zoals Henric van Veldeke. Toch was dit pas het eerste optreden van professor Wiel Kusters van de Maastrichtse Universiteit voor eigen kring. Volgend jaar zal Wiel Kusters zijn biografie “In speelgoedkringen” over Pierre Kemp het licht doen zien en van zijn onderzoeksresultaten konden wij nu reeds profiteren. Geen lichtbeelden of PowerPoint ter illustrering, maar zacht uitgesproken gepenseelde gedichten van de dichter Pierre Kemp uit de mond van dichter Wiel Kusters, een aparte belevenis! De pas laat landelijk gelauwerde autodidact Kemp werd nog later in eigen stad op waarde geschat. Kusters behandelde vooral de tweede periode van de dichter (vanaf 1925), zocht naar diens zelfbeeld en culturele identiteit, geïllustreerd aan zijn gevecht om (h)erkenning op landelijk niveau (zijn keuze voor het Nederlands als schrijftaal, hoewel hij alleen Maastrichts sprak) en zelfs ver daarbuiten (flirt met de Franse taal, correspondentie met Harvard). Kemps pseudoniem Pierre de la Vaslin des Linges-lyriques, gedichten onder titels als ‘Petite suite pour Marguerite’, ‘Les folies Maastrichtoises’, en natuurlijk ‘Au pays du tendre Mosan’, Pierre Kemp, die als Maaslands grensloos dichter speelt met zijn zuidelijke, Franse raakvlakken, maar ook zegt: “als ik straks in het Nederlands lig begraven, treur ik dat ik niet in het Engels ben geboren”.

Donderdag 23 april 2009
Historisch Café Selexcyz Dominicanen. Thema:
'De vergeten oorlog: Maastricht 1914-1918'

Terugblik op HISTORISCH CAFÉ 6 in Selexyz op donderdag 23 april 2009: 'De vergeten oorlog: Maastricht 1914-1918'

(auteur: T. Panhuysen; geplaatst 4-5-2009)

Thema: De vergeten oorlog 1914-1919: wat waren de gevolgen voor stad en streek en hoe leven die in de herinnering voort?

Blijkbaar een aansprekend thema, want de opkomst was weer erg goed met ongeveer 100 man. Wat vorig jaar niet lukte, slaagde dit jaar wel: de aanbieding van de nieuwste Publications van het LGOG aan wethouder Jean Jacobs van Maastricht en aan voorzitter Karel Majoor van het LGOG. Erwin Steegen klapte letterlijk uit de school met een aanstekelijk inhoudelijk overzicht van wat het jaarboek 2008 te bieden heeft en dat alleen al is de moeite waard om lid van zo’n respectabel genootschap te worden.

De aanbieding van de nieuwste Publications van het LGOG aan wethouder Jean Jacobs van Maastricht en aan voorzitter Karel Majoor door redactieleden Paul Tummers en Erwin Steegen

Paul van der Steen gebruikte in zijn column het avondthema op zijn eigen scherpe manier om de huidige landspolitiek op de korrel te nemen (zie: Le pantalon rouge). Vervolgens nam de discussieleider Jac van den Boogard (bij ontstentenis van de organisator Ernst Homburg) het roer over en gaf Jo Morreau (Stichting Oud-Sint Pieter) het woord om met oude foto’s (klik hier) het verloop van de heel nabije oorlog (verkorte tekst: klik hier) in de Voerstreek, Visé en Kanne door te nemen. Visé dat praktisch weggevaagd was! Het verschil tussen oorlog en vrede, één stap over de grens bij Kanne! Na de pauze confronteerde Lizet Duyvendak de aanwezigen met de pijn van die oorlog, zoals die bestorven is in de gedichten van de War Poets (zie: hier). Geert Verbeet belichtte vervolgens de diplomatieke verwikkelingen die volgden op de wapenstilstand van 1918 en neersloegen in de uiteindelijke verdragstekst van Versailles in 1919, die ten gevolge van de annexionistische politiek van de Belgische regering hadden kunnen leiden tot een heel andere staatkundige indeling van onze streken dan wij nu kennen. Andreas Fickers (Sankt Vith) besprak ten slotte hoe de Duitstalige Belgen met hun annexatie door België zijn omgegaan en nu soms beschouwd worden als de laatste echte Belgen. Na de inleidingen probeerde de discussieleider de aanwezigen te bewegen tot de melding van eigen verhalen en het opdissen van herinneringen, vooral natuurlijk van horen zeggen door oudere generaties. Dat leverde wel iets op, o.a. een foto met een verhaal bij de grens tussen Maastricht en Kanne, ook herinneringen over gebeurtenissen elders in Limburg, maar tevens bleek hoever weg die oorlog inmiddels is. Zicht op Maastricht hoopt natuurlijk op meer verhalen, waarvoor u contact kunt opnemen met de regisseur van de Culturele Biografie (zie: hier).

 

Paul van der Steen

 

Jo Morreau

 

Lizet Duyvendak en discussieleider Jac van den Boogard

 

Geert Verbeet

Dinsdag 12 en woensdag 13 mei 2009
Lieux de mémoire : avondexcursies in de stad, Vestingwerken Maastricht

Terugblik op Lieux de mémoire 12 en 13 mei 2009: Vestingwerken Maastricht

Voor een verslag van Lambert Jacobs met enkele foto's, klik hier. (geplaatst 6-7-2009)

Bekijk de foto's van Jules Bonnet: 12 mei, Helpoort en omgeving, 13 mei Hoge Fronten.


Zaterdag 13 juni 2009
Op bezoek bij de buren in Sittard

Terugblik op bezoek bij de buren in Sittard, zaterdag 13 juni 2009

(auteur: Frank Hovens; geplaatst 7-7-2009)

Grote Kerk Sittard, De Sint Petrus' stoel te Antiochië

 

Zaterdagmiddag 13 juni toog een relatief klein aantal leden van de Kring naar het centrum van Sittard om, onder perfecte weersomstandigheden, deel te nemen aan de jaarlijkse activiteit ‘op bezoek bij de buren’. Dit jaar waren de ‘buren’ tevens ‘collega’s’, want het programma was verzorgd door LGOG-Kring Westelijke Mijnstreek. De kwaliteit van het gebodene was met andere woorden gegarandeerd.

Met koffie en vla werden we getrakteerd in het fraaie vakwerkhuisje in de Gruizenstraat. Dit pand doet dienst als gemeenschapslokaal van het aanpalend Hervormd Kerkje.

In het Hervormd Kerkje gaf Kringvoorzitter en plaatsvervangend stadsarchivaris Peter Schulpen op uiterst heldere wijze een schets van de complexe politiek-territoriale geschiedenis van Sittard en van de historisch-geografische groei van de binnenstad en haar stedenbouwkundige ontwikkeling in de twintigste eeuw. Berucht is de sloop in 1966 van het neogotisch raadhuis en een ernaast gelegen grote stadsboerderij om een nieuwbouw van V&D mogelijk te maken.

Vervolgens bezochten we onder leiding van twee deskundige gidsen drie monumentale kerken in de binnenstad.

Peter Vossen, lid van de Werkgroep Bouwhistorie van Vereniging Sittards Verleden en voorzitter van de monumentencommissie van de gemeente Sittard-Geleen, gaf een toelichting bij het exterieur en interieur van de St.-Petrus’ Stoel te Antiochië ofwel de Grote Kerk. Aan deze kerk werd in 1299 een kapittel van twaalf kanunniken verbonden. Haar huidige vorm heeft ze grotendeels gekregen in de veertiende, vijftiende, zeventiende èn negentiende eeuw. De restauratie door Pierre Cuypers rond 1860 heeft de fysionomie van het godshuis sterk gewijzigd. Peter Vossen wees ons op de nutteloze luchtbogen en gargouilles die Cuypers heeft toegevoegd teneinde de kerk een ‘ideaal’ gotisch aanzien te verlenen. Binnen liet Peter zien hoe de bouwgeschiedenis van de kerk aan de gewelfconstructies af te lezen is. Van het rijke interieur verdienen het fraai gesneden laat-vijftiende-eeuwse koorgestoelte – de oudste koorbanken van Nederland – en een gotisch Christusbeeld een bijzondere vermelding. Het corpus was oorspronkelijk bevestigd aan een crucifix, maar ligt nu in een ‘grafnis’. Daarvoor moesten wel de zijwaarts gespreide armen bij de schouders gebroken worden om ze langs het lichaam te kunnen leggen.

Vervolgens werd de Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart ofwel de Basiliek bezocht. Hier gaf Guus Janssen, docent klassieke talen, (kerk)historicus en actief (bestuurs)lid binnen het LGOG, een toelichting bij de diverse onderdelen van deze bijzonder rijk versierde neo-romanogotische kruisbasiliek, gebouwd tussen 1875 en 1878. Het is een ontwerp van de Venlose architect en Cuypers-leerling Johan Kayser. Hij werkte nauw samen met de uit Sittard afkomstige deken van Maastricht, Frans Xavier Rutten. Van een afstand valt vooral de enorme vieringtoren op. Iemand die de kerk voor het eerst bezoekt, wordt overweldigd door de rijke aankleding. Muren, pilaren en gewelf zijn rijk beschilderd en gedecoreerd. De vele votieftegels maken duidelijk hoe intens het katholieke geloof lange tijd is beleefd. Na 1853 – het jaar waarin de bisschoppelijke hiërarchie werd hersteld – kon het katholicisme meer publiekelijk geuit worden. Bijzonder populair werd de verering van het Heilig Hart. De in 1867 opgerichte broederschap van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart in Sittard telde op gegeven moment maar liefst twaalf miljoen leden! De bouw van de kerk hing sterk samen met een grote toeloop van pelgrims naar Sittard in die tijd. De stroom bedevaartgangers ontstond nadat zich in het pensionaat van de zusters Ursulinen een wonder had voorgedaan. Een leerlinge had per ongeluk een naald ingeslikt, die weer werd opgehoest nadat 33 keer (de leeftijd van Jezus toen hij werd gekruisigd) ‘Notre Dame du Sacré Coeur priez pour nous’ was gebeden. In 1883 verleende paus Pius IX de status van basilica minor aan de Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. Het was de eerste kerk in Nederland met deze status. Uiteraard staan de bijbehorende eretekens, het tintinnabulum en het conopeum, in de kerk opgesteld. Guus Janssen wees ons verder nog op de Eerste Steen die door bisschop Paredis was gelegd: een blok marmer met daarin opgenomen een door paus Pius IX geschonken steentje uit de catacomben van Calixtus.

Om de massale toevloed van pelgrims te kunnen opvangen werd tussen 1891 en 1903 tegenover de kerk het Mariapark gebouwd, eveneens naar een ontwerp van Jules Kayser en in nauw overleg met F.X. Rutten tot stand gekomen. Feitelijk is het ‘park’ een rond een pandhof gebouwde kloostergang. Basiliek en Park vormen een bijzondere twee-eenheid. Als de basiliek en het tegenoverliggende Mariapark de deuren hadden geopend, konden de pelgrims buiten de overvolle basiliek de mis toch bijwonen.

Als laatste werd een bezoek gebracht aan de St.-Michielskerk ofwel de Paterskerk. Deze kerk en het aangrenzende klooster werden tussen 1653 en 1675 gebouwd in opdracht van de dominicanen, die begin jaren twintig van de zeventiende eeuw vanuit Maastricht naar Sittard waren gekomen. De stijl doet denken aan barokke kerken uit (Vlaams-)Brabant. In de rijk versierde gevel zijn onder andere een reliëf opgenomen, voorstellende Maria die de H. Dominicus de rozenkrans aanreikt, en beelden van Sint Rosa en de H. Ignatius van Loyola, stichter van de jezuïetenorde. De beelden zijn er door de jezuïeten geplaatst nadat zij in 1850 kerk en klooster hadden overgenomen. Rosa van Lima werd in 1667 zalig verklaard en zou vier jaar later de eerste heilige uit de Nieuwe Wereld worden. Toen een jaar na haar zaligverklaring in Sittard een dysenterie-epidemie uitbrak, werd Rosa uitgeroepen tot patrones van Sittard. In de deurpost van de kerk is een gebeeldhouwde leeuw verwerkt. Deze herinnert aan een bijzondere gebeurtenis op 28 augustus 1938, toen van de Rosa-kermis op de markt een leeuw uit een kooi ontsnapte en de volle kerk binnenliep. Het beest, luisterend naar de naam Asor (een anagram van Rosa!) vlijde zich neer voor het altaar. Het moest wel aan Sint Rosa te danken zijn dat de leeuw zijn buik niet aan enkele kerkgangers had rond gegeten.

Vooraleer de kerk werd betreden, gingen we naar de fraai gestuukte kloostergang naast het godshuis. Eén gewelfpaneel toont diverse kenmerkende attributen van de dominicanenorde, zoals het hondje (domini canes = honden van de heer) met een fakkel in de bek, de lelietak en de rozenkrans. Het is niet bekend wanneer de gangen bepleisterd zijn, maar als de lijfspreuk van de dominicanen ‘laudare, benedicere & predicare’ (prijzen, zegenen en preken) die in het bewuste paneel is opgenomen, gelezen wordt als een chronogram, dan zou dit gebeurd zijn in 1757. Het is bekend dat rond dat jaar in het klooster veel werd verbouwd.

Als laatste werd de Paterskerk zelf bezocht. Zoals het een barokke kerk betaamt, is ze rijk maar evenwichtig gemeubileerd en gedecoreerd. Tegen de apsis staat een barok altaar opgesteld. Het schip kent een fraai gestoken lambrisering in renaissancestijl. Hiervan maakt een reeks kleine panelen met diverse heiligen van de dominicanenorde deel uit. Ter afsluiting van de excursie stond Guus Janssen wat langer stil bij het paneel van paus Pius V. Hij was de eerste dominicaan die paus werd. In zijn navolging dragen zijn opvolgers een wit habijt. Op het paneel zijn onder meer een schip te zien, dat refereert aan de slag bij Lepanto uit 1571, toen het ‘christelijke Westen’ een militaire overwinning op de Turken behaalde. In de ogen van Pius V was de overwinning te danken aan het bidden van de rozenkrans. De dominicanen staan bekend als vurige propagandisten van de rozenkrans. Dit ‘attribuut’ ontbreekt dan ook niet op het paneeltje.

 

Dankzij de deskundige introductie en rondleiding waren we geestelijk weer een stuk verrijkt. Historische gebouwen zijn natuurlijk mooi en per definitie waardevol, maar als je dankzij deskundige gidsen over hun geschiedenis en over diverse details zo veel te horen krijgt, dringt het besef eens temeer door dat het hierbij niet alleen gaat om een aangename stoffering van de openbare ruimte, maar ook om een ‘versteende’ spiegel historiael.

‘Moe, maar voldaan’ zocht het gezelschap na afloop de terrassen op van de cafés aan de gezellige markt van Sittard.

 

Bekijk de foto's van Peter Vossen, een van onze gidsen, klik hier!

 

Programma seizoen 2007-2008

Kalender 2007-2008

 

Maandag 1 oktober 2007
Lezing door Dr. Rolf Hackeng over:
Het grondbezit van het Sint-Servaaskapittel in de middeleeuwen
Nadere informatie over dit onderwerp kunt u vinden op de site van het RHCL ( http://www.rhcl.nl ). Via de menu-onderdelen: 'Vroeger/Persberichten' of via 'Zoeken' op de termen: "Rolf Hackeng".

12 - 21 Oktober 2007
Week van de Geschiedenis
Een groot aantal Maastrichtse cultuurinstellingen, waaronder onze LGOG Kring Maastricht, gaat tezamen een prachtprogramma samenstellen rond het thema "Wonen in Maastricht". Voor meer informatie: Zicht op Maastricht.

Maandag 5 november 2007
Lezing door Prof. dr. Joep Th. Leerssen over:
De herontdekking van de Servaaslegende in de negentiende eeuw

Donderdag 22 november 2007
Historisch Café in Selexyz Dominicanen. Voor meer informatie: Zicht op Maastricht
Een verslag van deze bijeenkomst.

Maandag 3 december 2007
Lezing door Douwe de Graaf over:
De geschiedenis van de natuurhistorische verzamelingen van Maastricht

Vrijdag 28 december 2007 13:45 tot 16:00 uur Fort St. Pieter
Familiemiddag:. Rondleiding door het gerestaureerde Fort St. Pieter en aansluitend een gezellige bijeenkomst in het pannenkoekenhuis/eetcafé van de Midgetgolfbaan.

Familiemiddag op 28 december 2007 (Onnozele Kinderen)

(geplaatst 2-1-2008)

 

Wat een verrassend grote opkomst van kringleden, ouders met kinderen, grootouders met kleinkinderen, hele families, wel honderd mensen in totaal! Tegen twee uur ’s middags had iedereen zich verzameld bij de Midgetgolfbaan onderaan het onlangs gerestaureerde Fort Sint-Pieter voor een leerzame en spannende rondleiding door de onderaardse galerijen en gangen van het driehonderd jaar oude fort en over de geschutsbatterijen bovenop. Drie gidsen van de Stichting Maastricht Vestingstad, de heren Theo Provaes, Nic Quaden en Cor Halmans, leidden ons in drie groepen rond. Het enthousiasme was groot, bij de jeugd net zo als bij de ouderen. Herinneringen kwamen boven en werden doorgegeven, levende geschiedenis! Er waren veel vragen en discussies over het verleden en de toekomst van het fort. Tegen vier uur ging de middag over in een gezellig samenzijn van alle deelnemers in het restaurant van de Midgetgolfbaan waar koffie, limonade en heel veel vlaaien klaarstonden.

De familiemiddag, een informeel initiatief voor jong en oud, hopelijk goed voor nieuwe leden, wat het bestuur betreft het begin van een nieuwe traditie.

Noteer vast in uw agenda: 28 december 2008.

 

 

 

Maandag 7 januari 2008
Lezing door Dr. Erwin Steegen over:
Kleinhandelaren en hun winkelwaren in vroeg-modern Maastricht.
Nadere informatie over het boek van Erwin Steegen hier
Tevens nieuwjaarsreceptie.

 

Nieuwjaarstoespraak van de voorzitter op maandag 7 januari 2008.

(geplaatst 16-1-2008)

DAMES EN HEREN

Het voorbije jaar 2007 heeft ons veel goeds gebracht, maar ook teleurstellingen of verdriet.

Het jaar begon goed voor onze Kring met de uitreiking van de Trichter op maandag 8 januari aan mijn voorganger Lou Spronck. Wij waren en zijn trots op hem en weten tegelijkertijd dat met zijn onderscheiding ook onze Kring als belangenbehartiger van Maastrichts culturele erfgoed een pluim op de hoed heeft gekregen.

 

Onze hoofdactiviteit omvat een éducation permanente op het brede terrein van de Maastrichtse geschiedenis, en dat bevordert onze kennis van de stad op dusdanige wijze dat wij ons medeverantwoordelijk kunnen voelen voor het behoud van en de omgang met ons historische erfgoed. Daarom signaleren wij ook, indien nodig, gevaren en tekortkomingen bij de officiële beheerders daarvan, meestal het stadsbestuur. Een voorbeeld daarvan is de dreigende bebouwing van het schootsveld bij de Hoge Fronten, een terugkerende kwestie is het museale vacuüm op het gebied van de Maastrichtse geschiedenis.

Onze activiteiten waren in het voorbije jaar divers, veelvuldig en goed bezocht.

We moesten helaas verkassen van onze vertrouwde lezingenlocatie aan de Tongerseweg naar deze nieuwe plek, die minstens zo goed is, alleen af en toe aan de koude kant.

We maakten mooie excursies naar de buren in Meerssen en naar de Constantijn-tentoonstelling in Trier.

Het initiatief van het Historisch Café is geweldig goed aangeslagen en de discussies over Pie Debye en Petrus Regout deden er werkelijk toe en hebben invloed op de maatschappelijke discussie.

Opnieuw werden door ons onbekende stukjes Maastricht verkend tijdens het voorjaarstriduüm.

Vorige week op Onnozele Kinderen konden wij op Fort Sint-Pieter onze jeugd in contact brengen met ónze belangstelling en ónze historische herinneringen en waren wij eens lekker ongedwongen ‘onder ons’ bij de eerste familiemiddag van de Kring.

Alleen zouden ons en uw aandeel in de Week van de Geschiedenis markanter aanwezig mogen zijn.

 

De Kring leeft, dat moge duidelijk zijn. Wij zullen met elkaar moeten zorgen voor voortleven, d.w.z. dat wij als bestuur ons best zullen blijven doen om mooie programma’s te maken en interessante sprekers naar Maastricht te lokken, dat wij sponsoren aan ons weten te blijven binden voor de realisering van onze extra activiteiten, dat u zelf trouw blijft komen en mensen om u heen aanspoort om ook te komen of lid te worden, maar ook dat u zelf met uw ideeën en constructieve kritiek bijdraagt aan een nog betere Kring.

Dit jaar, in 2008, bestaan wij 55 jaar.

Eind september zal de algemene najaarsledenvergadering van het LGOG daarom in Maastricht gehouden worden. Wij zullen een aantrekkelijk programma voorbereiden en tevens een beroep op u gaan doen om ons van onze beste zijde te tonen aan de rest van Limburg. 

Namens het bestuur van de Kring Maastricht van het LGOG wens ik u een gezond en gezegend 2008!

 

Donderdag 17 januari 2008
Extra lezing in Sylexyz Dominicanen, 19:30u door Monique Dickhaut over Henri Jonas.

 

UIT HET BESTUUR

(geplaatst 29-1-2008)

In het najaar van 2007 heeft Dr. Manuel Stoffers ons bestuur verlaten. Wij danken hem voor zijn inzet, die wat ons betreft te kort heeft geduurd. Het verheugt ons dat wij erin zijn geslaagd een heel goede opvolger in universitaire kringen te vinden, die wij u in de jaarvergadering van april a.s. hopen te presenteren.

Het spijt ons zeer dat de klimatologische omstandigheden in onze nieuwe lezingenzaal van het Bonnefantencollege-VMBO aan de Eenhoornsingel 100 niet optimaal zijn. Wij vragen u derhalve om, wanneer u een temperatuur van 17 tot 18 graden als koud ervaart, volgende keren – mocht de lente c.q. zomer nog niet zijn losgebroken – u voldoende warm te kleden. Het probleem is bekend bij de schoolleiding, maar kan niet op heel korte termijn verholpen worden. Wij zullen het er op 11 februari (Ton Quik over Timmers), op 3 maart (Alain Vanderhoeven over de oudste kerk van ons bisdom) en op 7 april (Paul Bronzwaer over Maastricht in de oorlog) mee moeten doen. Het bestuur zoekt voor volgend seizoen naar een betere plek waar we langdurig kunnen blijven.

Houdt u er rekening mee dat we op zaterdag 29 maart naar Tongeren gaan?

In April komt er weer een Historisch Café (over de 5de identiteit van Maastricht).

In mei houden wij omstreeks 13-15 mei weer avondexcursies in het kader van het jaarlijkse triduüm.

LET OP DE AANKONDIGINGEN VAN DE LEZINGEN : in de brievenbus, uw e-mail postbox, en kijk regelmatig op de website WWW.LGOG.NL/kringen/maastricht/activiteiten

 

Maandag 11 februari 2008
Lezing door Ton Quik over:
Een museum in spagaat - Prof. Timmers en de emancipatie van de kunst in het Provinciaal Museum van Oudheden

De lezing van Ton Quik (11 februari) en een vooruitblik op maart

(geplaatst 13-2-2008)

 Een weekend met lente, een maandagavond met een zonnige, sprankelende en uiterst boeiende lezing van Ton Quik over de voorgeschiedenis van het Bonnefantenmuseum en vooral over de rol van de eerste echte directeur daarvan – 1946-1968 –, professor Timmers. Veel goeds over Timmers, maar ook veel over zijn problemen om zijn ideeën over hoe het museum eruit moest zien waar te maken. Over de ingebakken scheidslijn tussen archeologie, historische oudheden (de LGOG-collectie) en kunst, eigentijdse kunst. Over het einde van het amateuristische museumbeheer door het LGOG, de professionele visie van Timmers op het museum in de jaren vijftig en uiteindelijk over de totstandkoming van een zelfstandige stichting die in 1968 zonder Timmers een nieuw tijdperk moest inluiden. En natuurlijk waren er vragen, soms moeilijke vragen over het huidige beleid en over het recente verleden waarin het hart van de oude LGOG-collectie, de archeologische en de historische collecties, uit het museum verwijderd werden en asiel vonden in het Centre Céramique en in het Limburgs Museum in Venlo. De spreker eindigde met een interessante uitsmijter met de ondeugende suggestie om de archeologische collectie onder te brengen in het nog te openen Gallo-Romeinse Museum van Tongeren, dat een topper in museumland zal gaan worden, zo dichtbij in een stad van nog geen 20.000 inwoners. Tongeren is slechts 15 km van Maastricht verwijderd en ooit was Maastricht zoiets als de haven(voor)stad van hoofdstad Tongeren!

De (letterlijke) kou was al vanaf het begin uit de zaal, maar het geluid weigerde aanvankelijk, wat gelukkig snel werd opgelost. Toch bleken de meeste toehoorders – bij navraag en bij handopsteken – geen problemen met deze nieuwe zaal te hebben en werd een duidelijke voorkeur geconstateerd voor de maandagavond. De leden werden door de voorzitter opgeroepen om vooral het bestuur met ideeën en opmerkingen te bestoken (op e-mail of per brief aan de secretaris Frank Hovens) om weer meer mensen naar de lezingen te krijgen. Als u iets te melden heeft, over de locatie, over het programma, over de lezingen, doe dat dan alstublieft.

Maart wordt een TONGEREN-maand. Op 3 maart komt de archeoloog van de Vlaamse opgravingsdienst drs. Alain Vanderhoeven ons vertellen over de spectaculaire opgravingen die al jaren in de basiliek van Tongeren gehouden worden en straks onder de kerkvloer voor het publiek toegankelijk worden gemaakt. Het zou wel eens kunnen zijn dat hij de oudste bisschopskerk van onze gewesten heeft blootgelegd, de kerk van Sint Servaas wellicht. Een onderwerp dat iedere Maastrichtenaar moet aanspreken! Later in de maand, op zaterdag 29 maart gaan we in Tongeren op bezoek om onze bijna-stadgenoten beter te leren kennen, hun archief, hun opgravingsdienst en ontdekken we leuke ‘monumentale’ verrassingen in de stad.

 

Maandag 3 maart 2008
Lezing door Drs. Alain Vanderhoeven over:
Opgravingen in de basiliek van Tongeren. Is de bisschopskerk van Servatius teruggevonden?

De lezing van Alain Vanderhoeven (3 maart) en een vooruitblik

(geplaatst 5-3-2008)

Maandagavond 3 maart zat de zaal helemaal vol, als vanouds, met meer dan 100 leden en belangstellenden. Alles was in orde, de temperatuur in de zaal was goed, de apparatuur werkte uitstekend, de voorstelling van Alain Vanderhoeven over de spectaculaire opgravingen in Tongeren onder de Onze Lieve Vrouwebasiliek kon beginnen.

 

Het was een echte archeologische lezing met muren, heel veel muren en wandschilderingen, duizenden brokken. Alain liet ons de vertrekken van de opgegraven domus (stadshuis) uit de 1ste en 2de eeuw doorlopen, haar rijke decoratie, de branden die aan hun bestaan telkens een eind maakten. Met kennis van zaken voerde de spreker ons vlot en vanzelfsprekend door de opgegraven doolhof. Uiteindelijk belandden we na de pauze in het gebouw waar we allen reikhalzend naar hadden uitgekeken: de enorme, vermoedelijk driebeukige en 20 meter brede en 30 meter lange basilica met halfronde apsis en verhoogd podium met subsellia (priesterbank?). De grote vraag of hier de kerk van bisschop Servatius uit het midden van de 4de eeuw is gevonden werd weliswaar door de spreker gesteld, maar niet overtuigend beantwoord. Het is dan ook moeilijk om aan de hand van één munt van ca. 300, die enkel uitwijst dat het gebouw daarna is ontstaan, met een harde datering te komen én ook nog eens te bewijzen dat de basilica al in de tijd van haar bouw als kerk functioneerde. Vaste priesterbanken zijn pas uit het verloop van de 5de eeuw bekend, centraal in de apsis stond wel een 8-kantig monument (overhuiving of ciborium), maar daar kan ook een goden- of keizerbeeld in hebben gestaan. Zeker is dat het gebouw in de loop van de Vroege Middeleeuwen, in de 5de of 6de eeuw, als kerk werd gebruikt en toen en in de Karolingische periode nogmaals is gerenoveerd of herbouwd. Alain Vanderhoeven slaagde erin om de allure van civitashoofdstad én laat-Romeinse bisschopstad Tongeren danig te vergroten bij het overwegend Maastrichtse publiek. Hij kreeg groot applaus.

 

Wij zien nu uit naar ons bezoek aan de grote broer van Maastricht in de Romeinse periode op 29 maart aanstaande. Wij zien tevens uit naar de opening over enkele jaren van het centraal Romeins museum dat in Tongeren in de steigers staat.

In april: JAARVERGADERING en lezing over MAASTRICHT IN WO II door Paul Bronzwaer (7 april) en HISTORISCH CAFÉ 4 (24 april). Komt allen!

Zaterdag 29 maart 2008
Excursie. 'Op bezoek bij de buren'
Te gast bij Oudheidkundig Genootschap Tongeren

Bijgevoegd een plattegrond van Tongeren. Nummer 16 is de Infirmerie, waar we starten met ons bezoek aan Tongeren. Parking de Motten bevindt zich op nummer 22 (zie convocaat)

Een fotoverslag van ons bezoek aan de buren (KLGOG) in Tongeren kunt u hier bekijken. Dit betreft foto's van KLGOG, onze gastheer. Een tweede fotoverslag van onze voorzitter Titus Panhuysen staat hier.

Excursie naar Tongeren (zaterdag 29 maart)

(geplaatst 8 april 2008)

Wat hadden we geluk op onze excursiemiddag, de vrijdag ervoor slecht weer, de zondag erna zelfs beestenweer. Maar óns zaterdagse bezoek aan Tongeren werd opgevrolijkt door een zonnetje en heerlijk lenteweer. Een fout in de locatieaanduiding had niemand van ons belemmerd om op tijd aanwezig te zijn in de Infirmerie van het Tongerse Begijnhof, het was ook maar de straat ernaast. Eerst waren er hartelijke welkomstwoorden door de voorzitter van het Koninklijke LGOG Tongeren Piet Severijns, gevolgd door koffie en vla. De 60 deelnemers uit Maastricht (helaas was er maar plaats voor 60 personen, we hadden belangstelling voor bijna het dubbele aantal!) ontmoetten ca. 15 Tongerse collega’s en gingen in drie groepen op verkenning in Tongeren, een groep o.l.v. Piet Severijns, een tweede o.l.v. Pascal Paque en een derde o.l.v. classicus Frits Berckmans. Iedereen bezocht de buitenpost van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) waar Alain Vanderhoeven ons inzicht gaf in de overweldigende hoeveelheid archeologische gegevens en vondsten die Tongeren in de laatste decennia heeft opgeleverd, een doorgaand proces als gevolg van de vele nieuwbouwactiviteiten. Alain toonde ons de inhoud van één enkele afvalkuil uit de Claudische tijd als voorbeeld van het immense proces van uitwerking dat op een opgraving volgt. Steven van de Walle ging ons voor in de depots van het Gemeentelijke Archief, nieuw gevestigd achter het Stadhuis, waar niet alleen archieven van de stad en ommelanden bewaard worden, maar ook (kunst)voorwerpen van (cultuur)historische waarde uit kerken, kloosters en van particulieren, van een onlangs gevonden Romeinse loodbaar tot een echte 20ste-eeuwse omafiets. Bovendien werden recentelijk gerestaureerde panden bekeken, zoals het Munthuis, het Begijnhof (sedert 1998 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO), het Agnetenklooster, en verder de Begijnhofkerk, de Janskerk, het pas geopende Forum Julium, de Markt en de middeleeuwse walmuur. Na drie uur wandelen en weten dat we veel nieuws in Tongeren gezien en gehoord hadden, sloten we af met nog een kop koffie in de Infirmerie, dankwoorden en cadeautjes van onze voorzitter voor de Tongerse gastheren en voortreffelijke gidsen, en daarna voor sommigen een borrel in het café, voor anderen heerlijke mosselen in het gezellige centrum van deze buurstad

 


 

Maandag 7 april 2008
Lezing door Dr(s) Paul Bronzwaer over:
Maastricht 1940 - 1944: een stad onder Duits toezicht
Tevens jaarvergadering. Hier de notulen vorige jaarvergadering en hier het verslag van de secretaris over 2007.

Lezing van Paul Bronzwaer en Jaarvergadering (maandag 7 april 2008)

(geplaatst: 22-4-2008)

De laatste maandelijkse lezing van het seizoen 2007-2008 werd voorafgegaan door de Jaarvergadering van de Kring. Al om half acht was de zaal redelijk tot goed gevuld en bij het begin van de lezing telden we 110 aanwezigen, een mooie afsluiting van het jaar!

Het belangrijkste item van de Jaarvergadering was de benoeming bij acclamatie van ons nieuwe bestuurslid professor Ernst Homburg. Het bestuur is nu weer compleet (zie foto in het menu onder Kringbestuur). Met hem in het bestuur verwachten wij de samenwerking met de Maastrichtse universiteit te kunnen uitbreiden.

De grote opkomst was natuurlijk vooral te danken aan het onderwerp “Maastricht 1940-1944: een stad onder Duits toezicht” én aan de faam van spreker Paul Bronzwaer, wiens naam al decennialang verbonden is met het onderzoek van Maastricht in de Tweede Wereldoorlog en die nu de laatste hand legt aan zijn proefschrift hierover. De verwachtingen waren hoog gespannen, ook omdat vele bij ouderen nog bekende namen de revue zouden gaan passeren en men nu wel eens wilde weten welke rol zij in die duistere periode hadden gespeeld. Het werd een overtuigend en gloedvol betoog, waarbij illustrerende plaatjes – behoudens enkele simpele lijstjes van namen van de belangrijkste personen die functies in diverse provinciale en stedelijke bestuursorganen hadden bekleed – nauwelijks werd gemist. Aan het slot ging de spreker nog diep in op de gijzelaarskwestie van 10 mei 1940 en speciaal op de merkwaardige rol van burgemeester Michiels van Kessenich daarbij.

Donderdag 24 april 2008, 19:30u
Historisch Café in Selexyz Dominicanen. Een vijfde Identiteit voor de Culturele Biografie.

Terugblik op het Historisch Café 4  (donderdag 24 april 2008)

(geplaatst 5-5-2008)

 Zie ook: Zicht op Maastricht.

 Een prachtige lenteavond, minder drukte op deze koopavond in de stad en ook een wat mindere opkomst dan we bij de vorige Historische Cafés gewend waren. Maar de inhoud van de avond was er niet minder om.

Na een uitvoerige en lovende boekbespreking door ons nieuwe bestuurslid Ernst Homburg van het boek “Maastricht, het verdrag – the treaty” (Maastricht 2007) van de hand van Joost P. van den Akker volgde een interview met de jonge auteur (luister).  Ongelooflijk maar waar, Joost was destijds aan dit werk begonnen als 2de-jaars bachelorstudent. Ongelooflijk, maar voor alle aanwezigen te horen hoe evenwichtig, rijp en met kennis van zaken hij op alle vragen antwoordde.

Vervolgens bracht ons vaste HC-teamlid Paul van der Steen zijn column ten gehore ter inleiding van het thema van de avond: is er behoefte aan een vijfde identiteit in de culturele biografie van Maastricht  (luister)

Oud-voorzitter Lou Spronck poneerde vervolgens zijn stelling als opmaat voor de discussie: Maastricht heeft behoefte aan een extra identiteit omdat dit een stad en een streek ‘op grenzen’ is wat je al eeuwen lang zou kunnen illustreren met schrijvers uit deze regio (luister).  De vier gehanteerde identiteiten blijven beperkt tot historische – afgesloten – perioden. Maastricht kenmerkt zich ook door een rode draad die het gevolg is van zijn plaats in het landschap in een streek waar door de eeuwen heen machten en invloeden over elkaar heen schuiven.

Vervolgens probeerde Jac van den Boogard het inmiddels tot grote proporties uitgegroeide panel te verleiden tot meningen en discussies over dat mogelijke extra kenmerk van de stad. De meningen van Dietmar Kottmann (ambtenaar Europa van de gemeente Aken), Leo zum Vörde sive Vörde (hoofd cultuur gemeente Maastricht), Joop de Vries (chemicus en auteur van “Wiens Europa wint? Drie scenario’s van de Europese samenleving”), Pieter Caljé (historicus, UM), Joost van den Akker (auteur, student UM), Ernst Homburg (chemicus en historicus, UM) en Paul van der Steen (politicoloog, journalist) verschilden behoorlijk. Het rondetafelgesprek was zonder meer interessant en de regisseur van de culturele biografie zal er zeker zijn voordeel mee kunnen doen, maar dat er aan het eind van de avond een helder beeld over een nieuw stadskenmerk was ontstaan, lijkt wat al te optimistisch, zeker voor de toehoorders die pas via de website van Zicht Op Maastricht kunnen meediscussiëren,  omdat de tijd voor hen helaas op was.

Beluister de hele discussie op hier en hier

Lees hier de column van Paul van der Steen.

 

Onze leden Jo en Miets Morreau koninklijk onderscheiden !

(geplaatst 5-5-2008) 

Op zondag 27 april, toen ze de nieuwe expositie van het Sint Pieters Museum nog maar net geopend hadden, kregen Jo én Miets Morreau door burgemeester Gerd Leers de koninlijke versierselen opgespeld die horen bij het lidmaatschap van de Orde van Oranje-Nassau. Het bestuur en de leden van de Historische Kring Maastricht feliciteren Jo en Miets van harte met deze zeer verdiende Koninklijke waardering voor hun geweldige inzet om de cultuur en geschiedenis van Sint Pieter toegankelijk te maken en te bewaren. Wij zijn heel erg trots op zo’n leden! Zie ook hier de website van  "Oud St Pieter". 
 

Lieux de mémoire 2008, dinsdag 13 mei en donderdag 15 mei 2008

Twee avondexcursies rond het thema Minderheden in Maastricht. Dinsdag zijn we te gast bij de Stichting Moetiara Maloekoe, de Molukse gemeenschap in Maastricht. Donderdag brengen we een bezoek aan de synagoge, hoek Bogaardenstraat/ / Capucijnengang. Meer info is hier te lezen.

Lieux de mémoire 2008

(geplaatst 26-6-2008)

Op bezoek bij Stichting Moetiara Maloekoe. 

Met tevredenheid kijken wij terug naar de avondexcursies, die dit jaar voor de vierde maal in het kader van het lieux de mémoire project gehouden werden. Want ook dit jaar mogen de organisatoren concluderen dat het geslaagde avonden waren.

Op dinsdag 13 mei werden ongeveer 30 Kringleden hartelijk ontvangen met koffie, thee en spekkoek door de heer Lewerissa namens de Molukse Gemeenschap aan de Godefridus van Heerstraat 38 te Heer. Omgeven door voorwerpen en afbeeldingen uit de Molukse eilanden keken wij naar filmbeelden van de aankomst, midden in de winter van 1951, van ruim 12 000 Molukse mannen, vrouwen en kinderen in het koude, besneeuwde Nederland. Zij verwachtten hier slechts tijdelijk te verblijven om t.z.t. weer terug te kunnen keren naar de Molukken. Dat werd een grote teleurstelling en de mensen, die elkaar op de boot hadden leren kennen, werden na een ‘tijdelijk’ verblijf in barakkenkampen, o.a. in het voormalige concentratiekamp Vught, verspreid over Nederland gehuisvest. Een aantal van hen kwam in Zuid-Limburg terecht en zo ontstond in Heer de Molukse wijk waar sindsdien tot op heden een hechte Molukse gemeenschap woont. De heer Lewerissa, zelf geboren en getogen in deze wijk, vertelde in grote lijnen de geschiedenis van ruim 50 jaar wonen in deze bijzondere wijk. Over het grote verlangen naar het moederland, het vasthouden aan en doorgeven van Molukse gewoontes, gebruiken en normen aan de kinderen. Ook sprak hij over het feit dat Molukkers maar moeizaam de veranderende politieke situatie in Indonesië en de onmacht van Nederland konden accepteren waardoor voor hen een terugkeer naar een zelfstandige republiek der Zuid-Molukken onmogelijk werd.

Over het integratieproces vertelde mevrouw Bos, die als één van de eerste Nederlandse meisjes met een Ambonees trouwde. Zij gaf sprekende voorbeelden van problemen en onwennigheden die beide partijen in hun familie- en vriendenkring ondervonden vanwege hun ‘gemengd’ huwelijk.

Al met al waren de verhalen en getuigenissen van mevrouw Bos en de heer Lewerissa indrukwekkend en het is te hopen dat de Molukse wijk nog lange tijd haar eigen plaats als een bijzonder stukje Maastricht kan blijven behouden.

 

 Foto's Ambonezen in Eijsden 1951 (uit collectie J. Mans):


 

 

 

 Op bezoek bij de Joodse Synagoge

Het aantal zitplaatsen in de Joodse synagoge, gebouwd in 1840, was donderdag 15 mei maar net voldoende om de ruim 60 belangstellenden, de mannen voorzien van een keppeltje, een plaats te bieden. We werden verwelkomd door de heer Benoît Wesly. Op onderhoudende wijze vertelde hij ons in grote lijnen de geschiedenis vanaf de 13de eeuw van Joden in Limburg, met name in Maastricht, met als triest dieptepunt de Tweede Wereldoorlog. Deze maakte niet alleen een einde aan het leven van de meeste Joodse Maastrichtenaren, maar had ook tot gevolg dat de Joodse gemeenschap als zodanig praktisch ophield te bestaan. Een aantal jaren geleden is men op zoek gegaan naar een nieuwe rabbijn, die met zijn kennis van thora en talmoed de Joodse gemeenschap in Maastricht opnieuw zou kunnen bezielen. Want, zo maakte de heer Wesly ons duidelijk, het merendeel van de meer dan 600 geboden, verboden en voorschriften heeft betrekking op het privé leven, met name het familieleven van Joden. Men vond zo’n rabbijn nota bene in New York, Brooklyn, in de persoon van Yaakov Schapiro. In 2000 verhuisde deze met vrouw en kinderen naar Maastricht om op voortvarende en enthousiaste wijze geestelijk leiding te geven aan de Joodse gemeenschap in heel Limburg. In zeer goed Nederlands en op heldere wijze ging rabbijn Schapiro in op enkele kenmerken van de Joodse godsdienst en eredienst en beantwoordde hij de vele vragen van onze Kringleden.

Indien iemand foto’s, verhalen of andere wetenswaardigheden van de Molukse of Joodse gemeenschap in Maastricht in zijn of haar bezit heeft, wordt hij of zij vriendelijk verzocht deze aan ons bekend te maken. Joep Mans, onze penningmeester, bleek op 13 mei tot grote vreugde van de heer Lewerissa over foto’s waarop zijn grootvader staat te beschikken die hijzelf niet bezat.

 Verslag secretaris over het jaar 2005

 

 

Verslag secretaris over het jaar 2006  (als onderdeel van alle stukken van de jaarvergadering op 2 april 2007)

 

De lezingen van Kring Maastricht werden op de volgende locatie gehouden vanaf oktober 2007 t/m december 2009:

 

Bonnefanten College afdeling VMBO

Eenhoornsingel 100

6216 CW   Maastricht 

(nabij winkelcentrum Brusselepoort)

 

De zaal voor lezingen, vanaf oktober 2007 t/m december 2009

   

De prachtige zaal beschikt over faciliteiten zoals spreekgestoelte, audiovisuele apparatuur met uitstekend geluid in de hele zaal en een scherm. Ook heeft de zaal ruim voldoende zitplaatsen. Het scherm en het spreekgestoelte bevinden zich op de bühne, waardoor spreker en scherm voor iedereen in de zaal goed zichtbaar zijn.

 

De kantine

    

De prijs voor drankjes blijft ongewijzigd: E 1,= voor zowel koffie, thee als fris! Deze ruimte nodigt zelfs uit om na afloop van de lezing nog even bij te praten onder het genot van een drankje.

 

Bereikbaarheid

Natuurlijk kunt u te voet, met de fiets of met de auto komen. Maar ook met het openbaar vervoer van Veolia is het Bonnefanten College aan de Eenhoornsingel prima bereikbaar. De volgende buslijnen stoppen bij het winkelcentrum Brusselsepoort en/of Dr Bakstraat/Keurmeestersdreef:

  • lijn 5
  • lijn 6 (ook van en naar Eijsden, zelfs na afloop van de lezing!)
  • lijn 51
  • lijn 53

en zelfs, iets verder lopen vanaf de bushalte:

  • lijn 1 (Via Regia)
  • lijn 2 (Via Regia)


 

Parkeren van auto's en stallen van fietsen

 

 

Aan de Eenhoornsingel liggen:

  1. De grote parkeerplaats voor auto's (foto hierboven)
  2. De kleine parkeerplaats voor auto's, die het kortste ligt bij de hoofdingang van het gebouw.
  3. De ingang naar de fietskelder (via dezelfde ingang als de grote parkeerplaats)

Het gehele complex wordt bewaakt met videocamera's.

Overigens zijn er in de buurt en zeker bij het Winkelcentrum Brusselsepoort nog diverse parkeerplaatsen.

Zie ook hier de kaart en luchtfoto (detail op kaart)

      

Via dezelfde ingang als de grote ingang aan de Eenhoornsingel is de fietskelder te bereiken. Via de fietskelder kunt u rechtstreeks de hal van het gebouw bereiken en vanaf daar de zaal waar de lezingen plaatsvinden.

 

Nadere informatie

 Bonnefantencollege, afdeling VMBO hier

Veolia (Regionet Maastricht en stadsnet Maastricht) hier